Vlucht

05 February, 2009    

Wanneer het overvolle land
met rijtjeshuizen, rechtspositie
strakke sloten;
de functionele soberheid
bestaan ontdaan
van zwier en franje,
waar grootheid van gevoel
de storm en drang
wordt gladgeschoren,
het avontuur
rechtzinnig platgemaakt.
Waar schoonheid
wordt gewantrouwd
en ik geen plek vind
voor mijn hunkerend
verlangen,
geen stilte
voor mijn bodemloos verdriet.


Wanneer dit land
mij naar de adem springt,
dan vlucht ik ijlings
van de klamme regens,
verleg mijn spoor
naar zuidelijker oord,
waar in de ruimte
boven het zongepofte land
bedomptheid uit mijn lichaam
wordt gebrand,
waar stemmen klinken,
geuren lonken,
het bruisend vocht, de rijkdom
overvalt.


Ik zet me neer
en laat mijn tranen vloeien
in de ontvankelijke droge grond.
een echo op mijn eindeloze roepen
weerklinkt.
Een overrompelend besef
Ontroert,
dat ik hier wortels vond
Totdat een dag
de lust tot vluchten
is ontvallen
en ik gestorven ben
in mij