Spoorloos

05 February, 2009    

De dikke man van nummer acht is zomaar doodgegaan.
Zijn vette pens hangt slapper nog, gebroken ogen staren
naar niets. De tafel vol bedorven zware etenswaren
is vliegbedekt. De televisie staat als altijd aan.


De volle flessen stonden al een tijdje voor de deur,
onaangeroerd. De nette buurt begon zich te beklagen.
Vanwaar die stank? Ze hebben toen een ruitje ingeslagen
en gruwen van de vliegen op het lijk, zijn grijze kleur.


Het kale graf, een uitgestreken kraai en twee familieleden,
die zich al jaren terug van hem hadden gedistantieerd,
hebben elkaar al vóór de kist gedaald was fel bestreden:


Wie krijgt het huis? De buren hebben nog gediscussieerd
over de dood, de zin en dat hij weinig heeft geleden,
dat niemand rouwt om hem en zijn weer tot zichzelf gekeerd.

 

11 november 1999